dinsdag 10 november 2009

Dag 25 – Donderdag 5 November : Angkor Dag 3 en aanvang terugreis


Om 4u30 begint onze laatste vakantiedag. We willen er schijnbaar nog eens vol voor gaan. We willen immers de zonsopgang boven Angkor Wat zien.

5u stipt vertrokken – we zijn niet de enigen die er vroeg uit zijn. Hoe dichter we bij Angkor Wat komen, hoe drukker het verkeer. Het busje dropt ons voor de ingang en Sowann loodst ons mee naar de ingang van het complex. Hier en daar stopt hij om wat uitleg te geven bij de verschillende delen die we passeren, maar we zien er niet veel van in het maanlicht. Eens binnen de muren loodst hij ons naar een plek waar we een mooi uitzicht op de tempel met de 5 torens hebben. De vijver tussen ons en de tempel weerspiegelt het complex perfect.

Een man heeft in een venster van een zijcomplex plaats genomen en vraagt Luk, die ook op zoek is naar een geschikte plek om zich te installeren, op nogal dringende toon om uit zijn gezichtsveld te gaan. Is de site soms van hem ???

Luk besluit uiteindelijk op dezelfde plaats te gaan staan, maar betreurt zich dat al snel. De kerel heeft zijn gesofisticeerde Nikon ingesteld op interval, en alhoewel de zon de eerstvolgende 15 minuten zeker niet boven Angkor Wat uitkomt, klikt het ding alle 5 seconden. Tot overmaat van ramp heeft hij de flits ingeschakeld alhoewel die maximaal een meter of 8 draagt. Wat een sereen beeld had moeten worden, wordt dus elke 5 seconden opgeschrikt door een lokale bliksemflits... Luk hoopt dat zijn batterij het snel begeeft. Na 20-30 foto's (waar je naar alle waarschijnlijkheid niet het minste verschil tussen ziet), kiest hij toch maar voor een andere instelling. Er wordt nu afwisselend met en zonder flits getrokken. God mag weten waarom. Net als ik er genoeg van krijg en wil doorgaan, wordt de lieve man aangesproken(geroepen) door zijn lieve vrouw – nota bene in 't Gents (of van die kanten). Iedereen in de wijde omgeving mag meegenieten van de discussie. De plek is dan toch van hen blijkbaar. Luk wil nog een opmerking maken, maar laat het er maar bij en vervoegt de anderen. Het zal nog even duren voor de zon boven de tempel uitkomt en de gids zegt dat we beter met de zon mee kunnen kijken, dat dat veel mooier is. We lopen om Angkor Tom heen en zijn bijna helemaal alleen als we aan de oostzijde aankomen. Hij had gelijk, de zon die gelijdelijk de torens van boven naar onder toe laat oplichten biedt een mooi schouwspel. Ondertussen worden de vogels in het aangrenzende bos wakker en laten hun diverse gekwetter horen. Frie spot een vogel met een erg lange staart en Sowann die vandaag speciaal zijn vogelgids heeft meegebracht wijst hem dadelijk aan : rocket tailed drongo – vlaggendrongo.


 


 

 We horen ook andere geluiden en de gids beweert dat het honden zijn maar hij blijft constant naar het bos turen. Tot hij ons op een grijze aap wijst die uit een boom gekropen komt, even later gevolgd door een jong dat over de grond achter hem aanloopt. Hij denkt dat het een mannetje is dat op zoek is naar het vrouwtje en de kleine terugbrengt.


 

Zittend op de oostelijke trappen geeft Sowann dan een uiteenzetting over één van de taferelen die op de wanden van Ankor Wat te vinden zijn : het is het epos van de goden die het levenselexir aan de demonen willen ontfutselen. Het is een thema dat in alle tempels terugkomt : de goden aan de ene zijde, de duivels aan de andere, beide hebben ze de slang in handen en trekken om beurten, waardoor de berg (tempel) de melkzee karnt. Hij brengt er weer zijn grappige versie van : de goden sturen de allermooiste Apsara's (goddelijke danseressen) op de duivels af om hen te verleiden, sturen de allermooiste Lakshmi op de demonenleider af maar er is 1 duivel die niet toegeeft (volgens de gids dus een homoseksueel) en die het levenselexir bemachtigd en kan drinken. Maar voor het elexir zijn maag kan bereiken, grijpt Shiva in en slaagt erin de duivel in schijven te hakken (met een discuss). Daardoor komt het dat het duivelshoofd wel blijft leven, maar niets fundamenteel fout kan doen. Telkens hij iets eet of drinkt (de gewone mensen die zondigen) komt het even later via zijn keel terug vrij.
Terwijl hij verhaalt, zien we nog enkele keren de drongo overvliegen maar fotograferen is er niet bij.
Wie hem wil zien kan naar volgende website : http://www.birdpix.nl/album_page.php?pic_id=135987

We wandelen naar de gaanderijen. Degene die hierboven beschreven is wordt net gerestaureerd en we zien alleen een foto op ware grootte. In de anderen staan we oog in oog met het imposante beeldhouwwerk, honderden meters lang met verhalen van het maken van elexir, de strijd van koning Vaiaraman 7, de taferelen van hemel en hel enz. De gids geeft hier en daar commentaar bij de meest markante passages of bij pikante of markante details, zoals de verschillende duidelijk herkenbare vogelsoorten of vissen enz.
Hierna klimmen we naar de eerste gallerij maar daar is niet veel meer te zien. Her en der verspreid staat nog een buste, maar de wandverhalen zijn hier niet aanwezig. Enkele vrouwen bereiden zich voor op een (dans)voorstelling. Ze zijn gekleed als Apsara's, enkelen dragen gesofisticeerde vleugels. In de hindoeistische voorstellingen zijn er trouwens ook engelen. Maar in plaats van ze uit te beelden met vleugeltjes op de rug (zoals in onze kunst), worden ze voorzien van een soort vleugels die aan de armen vastzitten. We zwerven nog wat rond, maar bij gebrek aan ontbijt, begint Marc de eerste signalen van opkomende hoofdpijn te krijgen. We rijden terug naar het hotel. Iets na negen uur zitten we aan het ontbijt.
Na het ontbijt beginnen we aan de definitieve inpak. Frie en Marc gaan nog even terug naar de markt en kopen er nog enkele kussenovertrekken – hebben we ineens een cadeau voor Frie haar verjaardag. Marc koopt uiteindelijk het boek van Natioanl Geographic over te tempels van Angkor van een man zonder handen die een boekstalletje uitbaat. Er zit een papiertje in met de man zijn geschiedenis en hoe hij uiteindelijk in Siem Reap is verzeild geraakt. Het is de hogere prijs meer dan waard...
Marc en Luk maken nog even gebruik van het zwembad. Even na 12 u checken we uit en zetten ons vervolgens nog even aan het zwembad tot men ons om 1 uur komt ophalen voor de allerlaatste activiteit.
De baggage wordt ingeladen (what's in there – are you taking some bricks home ?) en rijden richting Tonle Sapmeer. Dit meer is in feite een immens groot moeras. In de regentijd vult het zich op met water (dat o.a. van de Mekong via de Tonle Sap rivier het meer instroomt om zich in het droge seizoen te ledigen, via de Tonle Sap rivier, in de Mekong. De rivier stroomt dus, afhankelijk van het seizoen, in 2 richtingen. We varen het meer op met een kleine traditionele boot (met motor). De stroming is net gekeerd en het water staat nog erg hoog (max 6-7 meter). De meeste bomen staan tot aan de kruin in het water, maar blijkbaar zijn ze erop voorzien en ze overleven het. Op het meer leven hele vissersgemeenschappen op drijvende huizen (zoals in de Halong baai). Bij lage waterstand worden de huizen versleept naar het midden van het meer. We denken een rustige tocht tegemoet te gaan met kans op het spotten van watervogels, maar telkens de motor stilgelegd wordt, komen er onmiddellijk enkele kleine bootjes toegevaren ; drankjes, kindjes met slangen rond de hals, banananenverkopers of rechttoe : bedelaars. Het gaat er echter opdringeriger aan toe dan in Vietnam. Het uitzicht is ook niet biezonder – het meer ligt in een enorme vlakte en buiten wat hoge boomkruinen is er buiten de dorpen niets te zien.
De boot brent ons naar het dorp, waar we even aan 'land' kunnen en vanop een platform een overzicht hebben over het drijvende dorp. Ook hier worden we al van in de boot belaagd door bedelaars. Kinderen varen in ronde badtobben, python rond de hals, naar de aankomende toeristenboten. Een van de kinderen mist een hand maar peddelt evengoed mee.
Wat we ons voorgesteld hadden als een rustige laatste activiteit draait uit op een bittere confrontatie met de (geveinsde ?) armoede.
Kris koopt er nog een sierverpakking voor een kleenexdoos.
We hebben nog een zak balpennen bij en willen die in het drijvende schooltje afgeven, maar de tijd begint te dringen en Sowann besluit direct terug te varen naar de haven. Daar staan enkele weeskinderen bij een collectedoos voor een wezenschooltje. Het kan niet beter uitkomen. De pennen worden gedeponeerd, evenals een bijdrage voor het schooltje.
Een dame verkoopt plastieken bordjes met de foto van Marc, Frie en Kris erop. Waar hebben ze die foto's genomen en zo snel verwerkt ? Ook hier staat de techniek niet stil. Frie negocieert de prijs als een volleerde en sleept de 2 bordjes in de wacht. De winst van de onderhandeling gaat naar een eenarmige bedelaar die zich gepast in de buurt heeft opgesteld.
De chauffeur rijdt ons naar de luchthaven en dropt ons om kwart na vier voor de ingang. We nemen afscheid van hem en Sowann. Frie biedt nog een restant aan balonnen aan (ze hebben kleine kinderen) maar het wordt blijkbaar vrij negatief opgevat. Een affront ? Ze hebben er al....
In de luchthaven is bijna geen bedrijvigheid. We kleden ons snel om voor de terugreis, stoppen de laatste dingen in de baggage en checken in. In tegenstelling tot wat we dachten, kunnen we de baggage niet inchecken tot de eindbestemming. We moeten ze in Phnom Penh ophalen en terug inchecken. We vrezen dat men dan ook de gewichtslimiet voor locale vluchten zal toepassen en dat we toeslag zullen moeten betalen, maar we houden ons van de domme en de 93 kg passeren zonder problemen. Oef....
Ondertussen hadden de onverwachtte extra uitgaven op het meer onze resterende voorraad dollars bijna volledig opgesoupeerd, dus bleef er niet veel meer over voor extraatjes tijdens het wachten. Frie kon zich nog net een thee veroorloven om de sinusitus wat te helpen bestrijden. Hoe ging zij de 3 vluchten verwerken met een verstropte neus en oren was de vraag die bij allen leefde. De anderen stelden zich tevreden met het water dat we nog hadden.
Stipt 17u30 ging het kleine toestel de lucht in voor de vlucht over het Tonle Sap meer naar Phnom Penh.
In Phnom Penh werd het 5 uur wachten op de aansluiting naar Seoul. Gezien de check-in maar 2 uur op voorhand openging, brengen we dik 2 uur door in het enige restaurant/snack-bar die de kleine luchthaven rijk is. We bestellen er een snack/annex drankje en kunnen gelukkig de 20 dollar met credit card betalen. Gelukkig gaat de check-in iets vroeger open dan verwacht. Alles loopt vlot en we krijgen inderdaad 4 plaatsen in business class van PP naar Seoul, inclusief toegang tot de lounge, waar we ons languit neerploffen in de zetels, en genieten van enkele zoetigheden (je zou gezworen hebben met Belgische chocola). Marc beent zijn kennis bij op het internet terwijl de anderen een slaapje doen.
Een uur voor vertrek zijn we getuige van een jonge gast met pakken pretentie die zijn intrede doet in de lounge vergezeld van zijn 2 bodyguards. Het is een (decadent) schouwspel op zichzelf.
De boarding begint stipt en we nestelen ons in de brede fauteils voorin het toestel. Het ventje zit aan de andere kant van het gangpad en is duidelijk niet opgezet met het feit dat hij naast een vreemde vrouw moet plaatsnemen. Een van zijn guards moet met hem van plaats wisselen.
Om 12 uur hangen we in de lucht en de verwennerij kan beginnen. Kris kiest voor de lange nachtrust en wil alleen een glas water. Gezien er op deze vlucht van 5 u geen ontbijt geserveerd wordt, kiezen Marc en Frie om van het avondeten te proeven. Luk vergezeld hen bij het apperitief – champagne. De service is dik in orde ; witte linnen tafelkleedjes, zilverwerk en een keuze aan gerechten. Luk neemt nog een nachtmutsje en een slaapmiddel en is binnen de kortste keren in dreamland. Ze moeten hem voor de landing wakker maken.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten